Ik ben in de wereld
gezet
om iets te doen of te zijn,
waarvoor geen ander aangesteld is.
Ik heb een plaats in Gods plan,
op Gods wereld,
die geen andere heeft.
Of ik arm of rijk ben,
veracht of geëerd bij de mensen,
God kent mij en roept mij
bij mijn naam.
John Henry Newman
Bij onze patroon Paulus vinden we een van de mooiste stukjes uit het Nieuwe Testament: het hooglied van de liefde
Al spreek ik de
taal van de engelen en de mensen:
al heb ik de gave van de profetie,
al ken ik de geheimen van de wetenschap,
al heb ik het volmaakte geloof dat bergen verzet:
als ik de liefde niet heb,
ben ik niets.
Al geef ik heel mijn bezit weg,
als ik de liefde niet heb,
dan baat het mij niets.
De liefde is gelukkig en vriendelijk,
de liefde is niet jaloers.
Ze pronkt niet. Ze pakt niet uit.
Ze beledigt een ander niet,
en ze zet een ander het kwade niet betaald,
Ze verheugt zich in de waarheid.
Er is niets waar de liefde niet tegenop kan.
Er komt geen einde aan haar geloof,
aan haar hoop
en haar verdraagzaamheid…
De liefde zal nooit vergaan.
Paulus (1 Kor.13)
Mijn Jezus,
ik geef U mijn handen om uw werk te verrichten
en uw zegen te verspreiden;
ik geef U mijn voeten om uw weg te gaan;
ik geef U mijn ogen opdat Gij ze zult richten
en doen stralen van uw zachtheid;
ik geef U mijn verstand om te denken;
ik geef U mijn mond om te spreken
uw woord van wijsheid,
uw woord van liefde;
ik geef U mijn geest om in mij te bidden;
ik geef U bovenal mijn hart om met dat hart
uw hemelse Vader te beminnen,
uw lieve Moeder en alle mensen.
Laat mij kleiner worden en wordt Gij groter in mij,
opdat niet ik meer leef, niet ik meer bid,
niet ik meer werk,
maar Gij, almachtige God,
Zoon van de hemelse Vader, liefdevolle Verlosser.
Charles de Foucauld (1858 -1916)