TIEN STAPPEN NAAR GEMEENSCHAP
A.
GROEIEN NAAR HET DOEL VAN DE GEMEENSCHAP.
Eerder toevallig
bladerde ik tijdens het afgelopen verlof bij een Frans gastgezin in een
boek van Jean Vanier, stichter van de Ark gemeenschap, en las er enkele
zinnen die me raakten. De interesse gewekt, vond ik op het internet een
in het Nederlands vertaalde tekst ‘Tien stappen naar gemeenschap’.
Binnen het parochieteam hebben we ons voorgenomen om deze tekst als een
bezinningsleidraad in de volgende maanden te gebruiken, via deze weg
willen we jullie hierin betrekken.
Hierna volgt een korte synthese rondom de eerste stap: “groeien naar het
doel van de gemeenschap”
Bij het uitspreken van het woord gemeenschap denken we wellicht nogal
snel aan grotere groepen zoals een kloostergemeenschap, een
onderwijsinstelling of een of andere sociale vereniging. Maar ook kleine
groepen vormen gemeenschap. In beperkte zin vormt een huwelijk of een
nieuw samengestelde relatie ook een gemeenschap in het klein. Wanneer
we dit als definitie nemen, kunnen we stellen dat eenieder van ons tot
meerdere formele dan wel informele gemeenschappen behoort, waardoor deze
bezinningroute ons allen direct of indirect kan boeien.
Beslissen we een gemeenschap te vormen, toe te treden tot een
gemeenschap dan is het belangrijk dat we de focus, het doel kennen. Dit
is allesbehalve een vrijblijvend gebeuren: wat willen we samen
realiseren, samen doen, wat verwachten we van de andere? Als het doel
niet helder is, of onvoldoende prominent aanwezig dan schuilt hierin een
reëel gevaar dat de gemeenschap zijn doel niet bereikt, dat de leden van
elkaar vervreemden en dan zijn spanningen wegens het niet inlossen van
de verwachtingen niet ver weg.
Als parochiegemeenschap, als gezin , als gemeenschap moeten we ons doel
bepalen, uitspreken en bespreken. Essentieel is dat ieder lid dit
richtingwijzer, deze ‘gemeenschapsgrondwet’, onderschrijft zich hiermee
kan associëren en daadwerkelijk hieraan wil participeren, zelfs al heeft
ieder zijn persoonlijke invulling en verwachtingspatroon. Het hebben van
een toetsingsmaatstaf is belangrijk zodat iedereen zijn eigen inbreng
maar ook de verwachting voor de andere kan beoordelen. In die zin is het
mijns inziens interessant om dit doel van tijd tot tijd te evalueren en
indien nuttig en noodzakelijk te actualiseren aan de gewijzigde
omstandigheden en/of verwachtingen. Anderzijds kan bij een spanning of
een misverstand een praktische toetsing een oplossing bieden om alle
hoofden terug in dezelfde richting te krijgen.
Wat wensen we in onze relatie, ons gezin te realiseren, wat verwacht ik
binnen onze parochie en welke rol kan ik hierin opnemen? De moeite
waard om hier een persoonlijk antwoord voor te formuleren.
(RW)
B. OVERTOCHT
VAN GEMEENSCHAP VOOR MEZELF NAAR EEN MEZELF VOOR DE GEMEENSCHAP
Nu belichten we de 2de
stap die JeanVanier –stichter en bezieler van de Ark gemeenschap
beschrijft : “de overtocht van gemeenschap voor mezelf naar een mezelf
voor de gemeenschap.”
Gemeenschap is meer dan samenwonen, gemeenschap staat ook niet synoniem
voor werkploeg. Het is echter wel de plaats waar men bezig is vanuit de
duisternis van het egocentrische over te gaan naar het licht van de
echte liefde. De liefde waarover we het hier hebben, is niet
sentimenteel maar de focus is aandacht voor de andere, die geleidelijk
aan engagement wordt. Het is instaan voor de andere, het zich in de
plaats stellen van de andere, de ander begrijpen, zich voor de ander
verantwoordelijk voelen. Het is met de ander meevoelen, meelijden en mee
blij zijn.
Anderzijds is gemeenschap ook verlangen en toelaten dat de ander trouw
kan blijven aan zijn roeping, en voortdurend kan groeien in het licht
van de gemeenschapsvisie en haar ideaal.
De overtocht van de ‘gemeenschap voor mezelf’ naar ‘mezelf voor de
gemeenschap’ is lang. Het vergt loutering en voortdurend sterven om
altijd opnieuw te verrijzen. Om lief te hebben moet je voortdurend je
eigen meningen, je prikkelbaarheid, je comfort prijs geven. Liefhebben
loopt over een wilsdaad (‘ik wil mijn gevoeligheden controleren en
overstijgen’) naar het gevoelig worden van een gezuiverd hart dat
spontaan naar de andere uitgaat.
‘Ik zal het stenen hart uit je wegnemen en je een hart van vlees geven.
En ik zal mijn geest in je storten.’ (Ezechiël 36,26). Jezus schenkt ons
de Heilige Geest, de Trooster, die ons de nodige energie geeft, samen
met een nieuwe kwaliteit van het hart, die het mogelijk maakt om de
andere, zelfs de vijand, werkelijk te aanvaarden zoals hij is: alles
verdragen, alles geloven, alles hopen.
Leren liefhebben doe je een leven lang. De gemeenschap begint gestalte
te krijgen als eenieder zich inspant om elk van de leden ‘op te nemen’
en te beminnen zoals hij is. “Aanvaard elkaar, zoals Christus u heeft
aanvaard” (Romeinen 15,7).
Concluderend kunnen we stellen dat leven als gemeenschap een bewuste
keuze inhoudt, de zuivering en openstelling van het hart zijn hierbij
essentieel, vooral het liefhebben is hierbij een noodzakelijke
ingrediënt. ‘De liefde is de éénmakende kracht’ (Dynosius de Areopagiet)
RW